zondag 27 februari 2011

Sarajevo

Het is 1.700 kilometer vanaf mijn woonplaats. Sarajevo. Nu een plaats in Bosnië-Herzogovina. Slechts meer dan 15 jaar geleden was dit oorlogsgebied. Een oorlog waar we in Nederland slechts weinig meer van weten. Of beter nog, van willen weten. Het trauma is te groot voor Nederland. Ach, we zijn niet te benijden. Zeker niet vergeleken met de mensen in Sebernica.

Waarom plotseling deze opwelling van cynisme? Simpel door een enkele film, The Hunting Party. Een film die het ongeloofwaardige verhaal vertelt van drie Amerikaanse journalisten die vijf jaar na de oorlog op zoek gaan de grootste oorlogsmisdadiger in Servië. De film is meeslepend genoeg om naar te kijken. En het raakt ook wel de waanzin van de oorlog. Het is misschien wel meer de achtergrond van het verhaal die meer raakt dan het verhaal van de drie journalisten.

Waarom? Waarom is deze oorlog vergeten? Waarom heeft deze film het slecht gedaan in Amerika, in Kroatië, in Bosnië-Herzogovina en in Servië. Is het misschien te ongeloofwaardig? Is het misschien omdat Richard Gere te links is? Is het misschien omdat de film te kritisch is tegen de instanties?

Ik vond het wel een goede film, maar ik wil nog steeds meer weten van het ware verhaal van die waanzinnige oorlog op slechts 1.700 kilometer van mijn huis. Slechts 15 jaar geleden.

zondag 13 februari 2011

Dramatische film

Ik zal eerlijk zijn. Ik heb vanavond puur uit loyaliteit een film uitgekeken. Loyaliteit aan iemand die ik graag mag. Iemand die mij enthousiast een dvd gaf en op mijn vrije dag een e-mail stuurde of ik al gekeken had. Toen had ik nog niet gekeken, maar nu wel.

Waar gaat het over? Het gaat over de film Airplane II; The sequel. Nou kende ik de film Airplane wel, met Leslie Nielsen. Een film waarin je vooral moet houden van melige grappen. Dat doe ik op zich wel, maar niet altijd. Deel twee, overigens zonder Leslie, is van dezelfde soort. En ja, na slechts een paar minuten weet je, dit is een film met melige grappen. Maar, of ik ben niet in de stemming voor melige grappen, of dit is gewoon een slechte film.

Ik ga jullie niet vermoeien met het verhaaltje van de film, want het verhaaltje is flinterdun. Ik ga jullie ook niet vermoeien met de clou van het verhaal, want die is dubbeldik flauw. Er waren twee hoogtepunten in de film voor mij. De eerste was een heel kort optreden van Norm Peterson, mijn favoriete personage uit Cheers. De tweede was dat de film maar 80 minuten duurt. Mooiste shot: The End.

Ben ik niet te positief over deze ontroerende comedie? Ach, een fles rode wijn maakt alles iets rooskleuriger. Dus mijn advies voor alle toekomstige kijkers: drink voldoende om deze dramatische film te vergeten, maar drink niet te veel om de titel voor eeuwig op je zwarte lijst te zetten.

En ja, ik blijf loyaal aan degene die mij deze film gaf. Want hij gaf mij ook Cidade de Deus (City of God), een prachtig Braziliaans epos. Dat is pas een echt een dramatische film.

woensdag 19 januari 2011

Muziek en vrienden (20)

19. Will I see you in heaven – The Jayhawks


Deze muzikale top twintig gaat over de betekenis van vrienden en muziek. Een reis langs mijn muzikale leven en ook een reis van mijn leven via muziek. Ik ben nu eenenvijftig. Een leeftijd waar je, toen de nummer 1 van deze lijst uitkwam (1967) – ik was toen slechts acht jaar – niet van droomde en geen voorstelling van had. Alles ouder dan twintig was oud, met gradaties van oud tot zeer oud (je opa’s en oma’s). Ook nu heb ik geen voorstelling van wat het betekent om 82 te zijn. Nog steeds blijven er gradaties van oud tot zeer oud. Welke muziek vind ik dan mooi of nog mooi? Als ik dan nog een top twintig zou mogen en kunnen maken, welke nummers van deze lijst staan er dan nog in? Geen idee en dat is maar goed ook. Muziek is een gemoedstoestand of een herinnering aan een gemoedstoestand. Daarom zijn The Fouryo’s zo mooi en daarom is het volkslied van Zuid-Afrika zo mooi. Omdat het mij terugbrengt naar andere tijden, andere mensen en andere belevenissen.

Nu zit er een prachtige CD in mijn auto. Die zit er al in sinds ik deze aanschafte. Het is de Amerikaanse groep The Jayhawks. Ooit had ik al een CD van ze gekocht, natuurlijk via een vriend aangeraden – Luuk in dit geval – en wist ik hoe goed deze groep was. Maar met de CD “Rainy day music” ben ik volledig verknocht geraakt aan deze band. Helaas heb ik ze nog niet live mogen zien en horen, maar tot dusver doe ik  met het melodieuze geluid via mijn autospeakers. Het maakt me rustig, tevreden en misschien wel melancholiek.

Helaas geen live-opnamen, dus hierbij het origineel van de cd.

dinsdag 11 januari 2011

Moonfire op Buitenplaats

Het is oudejaarsdag en ik rij in de auto van Jeroen richting Leiden. Daar zijn we uitgenodigd op een heuse buitenplaats. Het navigatiesysteem leidt ons feilloos door Leiden en via een smalle weg bereiken we de ingang van het adres. We kijken het terrein op en zien een fraai met olielampen verlichte oprijlaan met aan het eind een statig landhuis, waar door de ramen een warme gloed naar buiten straalt op de nog resterende sneeuw. Dat is nog eens een huis! En dan te bedenken dat een vriend van ons zich nu de trotse eigenaar van deze stulp uit 1679 mag noemen.

Als we de auto hebben geparkeerd, lopen we richting de monumentale ingang. Daar staan reeds gearriveerde gasten een sigaretje te roken. De machtige deuren zwaaien open en we betreden de hal. Onno begroet ons hartelijk en even later wordt ik warmbloedig gekust door Natasja. Nog voordat ik mijn jas kan uittrekken, neemt Onno mij mee naar een kast. 'Dit moet je meenemen', zo vertelt hij mij. In de kast ligt een immense doos. Ik herken het onmiddelijk. Het is een boek, maar niet zo maar een boek. Het boek voor de man die, toen hij 10 jaar oud was, naar de maan keek. Daar, op dat kleine grijze rondje in de nacht, liepen twee mannen rond. Neil Armstrong en Buzz Aldrin, de eerste mensen op de maan. Die jongen van 10 jaar was ik en ik was idolaat van ruimtevaart. Mijn kleine jongenskamer hing vol met posters en stickers. En, hoewel mijn familie geen auto had, ik verzamelde de munten die je kon krijgen bij de benzinepompen.

Het boek heet Moonfire en is uitgegeven om het veertigjarig bestaan van de eerste maanlanding te memoreren. Het is een bijzondere uitgave, want er zit ook een gesigneerde foto in de doos. Buzz Aldrin heeft 1969 exemplaren met zijn handtekening verrijkt en ik heb nu nummer 1200.

Als om 12 uur de champagneflessen knallen en het vuurwerk de donkere nacht inschiet, kijk ik naar boven en zie de maan. Daar zie ik mijzelf als jongetje van tien, vol vuur dromend van het onmogelijke avontuur.....

zondag 19 december 2010

De dingen die blijven

Het is misschien geen nieuws, maar ik ben een groot fan van alles wat Italiaans is. Het begon waarschijnlijk met het eten, maar daarna is het land gevolgd, de taal, de mensen, de geuren en de muziek. En tenslotte de films. Ooit is het begonnen met de La Pivra (Octopus), een serie over de maffia in de jaren zeventig. Gefascineerd heb ik toen gekeken en ongeveer 2 jaar geleden op dvd aangeschaft. De serie lijkt gedateerd, maar de combinatie tussen romantiek en geweld lijkt nergens mooier in beeld te kunnen worden gebracht dan door Italianen. Zelfs in films als Il Divo over Andreotti speelt subtiel de romantiek een rol.

Mijn laatste aanwinst is Le cose che restano (de dingen die blijven), een vierdelige familieroman, waarin meerdere actuele onderwerpen langskomen; asielzoekers, homofilie, AIDS en Afghanistan. Daarnaast de aloude thema's als liefde en dood. Het is een prachtige rondreis door Italië van de 21e eeuw, waarin je wordt meegenomen in de levens van de zes leden van een familie en van elk van hen hun eenzaamheid voelt, hun vreugde en hun intense verdriet.

Net heb ik met tranen naar het laatste deel gekeken. Niet omdat het laatste deel is, maar omdat ik geraakt werd door de onmacht van mensen die elkaar liefhebben. Een onmacht die van alle tijden is. Le cosa che restano; de dingen die blijven.

zondag 12 december 2010

Parkeerwacht

Het is zaterdag en dus ga ik mijn wekelijkse boodschappen doen. Ondanks dat het lokale winkelcentrum slechts 1 kilometer van mijn huis is, stap ik toch in de auto. Het is eenvoudig; een week boodschappen hang je niet aan het stuur van je fiets. Na vijfhonderd meter sta ik stil voor de slagbomen van de spoorwegovergang. En net als de bomen open gaan, beginnen de lichten weer te knipperen en dalen ze weer. Ach, het is niet voor niets de drukste spoorbaan van Nederland.

Even later rij ik de provisorische parkeerplaats op bij het winkelcentrum. Het winkelcentrum wordt namelijk verbouwd en krijgt een ondergrondse parkeerplaats. Ja, in mijn dorp is een heus megalomaan project aan de gang. En dat is niet zo gek, want mijn dorp had het eerste overdekte winkelcentrum van Nederland. Niemand die dat weet, maar als kind was ik bij de opening en spoot de sinds jaren gesloopte fontein roze water en gingen meer dan tien luchtballonnen de lucht in. Maar nu is het tijd voor een grootscheepse verbouwing. Na jaren van besluiteloosheid in onze gemeenteraad is, vlak voor de economische crisis, de figuurlijke kogel door de kerk gegaan. Vele adviseurs zijn langsgekomen, waaronder een vriend van mij op wiens huwelijk ik ceremoniemeester was. De wereld is klein tenslotte.

Het is druk op de provisorische parkeerplaats. Ik moet wachten tot er een plekje vrijkomt. Ondertussen pak ik mijn parkeerschijf en draai het goede tijdstip voor. In een ooghoek zie ik twee forse mannen in blauwe jassen tussen de auto's lopen. Een van hen schrijft iets op in een boekje. Als een van hen zich met zijn rug naar mij toedraait, lees ik wat er op zijn rug staat: handhaving. Ik weet niet precies welke hand ze haven, maar volgens mij zijn het ordinaire parkeerwachten.

Ik wacht op een vrouw die erg langzaam haar boodschappen in haar auto doet. Kan dat niet sneller? Nee dus. Dan brengt ze haar karretje weg. Het duurt eindeloos. Ze stapt in haar auto. Maar nog duurt het minuten voor er beweging komt in deze Ford-Ka. Hè, hè, ze begint te rijden. Ik parkeer in de vrijgekomen plek en stap uit. En, wat ik nooit doe, ik stap af op de twee mannen in de blauwe jassen. 'Hoe duur is het eigenlijk?", vraag ik enigszins nonchalant. "Zestig euro", antwoord er een. "En we geven geen korting", voegt hij eraan toe. "Nee, dat snap ik", antwoord ik. "Je moest 's weten wat de mensen allemaal tegen ons zeggen", zegt zijn compaan. En, alsof de duvel ermee speelt, laat een vrouw van middelbare leeftijd een tirade van scheldwoorden op de beide heren neerdalen. Ze heeft blijbaar een geel briefje onder haar ruitenwisser gevonden. Een van de blauwbejaste heren mompelt iets terug. De ander spreekt hem vermanend toe: "Niet reageren". De vrouw scheldt vrolijk door. Ze is niet blij en de wereld mag het weten.

Parkeerwacht is waarschijnlijk niet een baan waar je als kind van droomt. Het wekt agressie op bij ogenschijnlijk timide burgers. De mannen in de blauwe jassen weten dat en stellen er zich op in. Sterker nog, als iemand eens aardig is, vertrouwen ze deze persoon van geen meter. Ik hoop dat ze een leuke vrouw thuis hebben die wel aardig is tegen ze. Maar nu moet ik boodschappen gaan doen.

maandag 6 december 2010

Muziek en vrienden (19)

18. So close to my heart – Dar Williams



Na vele jaren ben ik weer eens in Vredenburg in Utrecht. Het is halverwege de middag en ik bezoek, samen met Adri en Linda, het Blue Highway’s Festival. Dit is een jaarlijks muziekfestival met bands en zangers die vooral Americana muziek spelen. Als we het programma bekijken, kennen we geen van de artiesten en dat maakt het wel bijzonder. Een muzikale ontdekkingsreis.

We beginnen goedgemutst aan de lange dag voor ons. Soms is het heel aardig, soms is het dramatisch. Maar de sfeer in Vredenburg is plezierig. Niet teveel mensen en je kunt de verschillende zalen makkelijk in. Rond half zes lopen we even naar buiten om in een eetcafé in de buurt wat te eten. Daarna terug en vallen we met onze neus in de boter. Een zangeres betreedt met haar band het podium. Ze heet Dar Williams en ze blijkt de sterren van de hemel te zingen. Het is een combinatie van folkmuziek en rockmuziek en dat maakt het, in mijn oren, de meest geweldige combi. Tijdens het concert loop ik even de zaal uit en koop bij de vele muziekstalletjes meteen een cd van Dar Williams. Dan weer terug de zaal in. Ook Adri en Linda zijn zeer onder de indruk. Dit is echt een ontdekking! Een van de mooiste nummers van haar is ‘So close to my heart’, een prachtige ballade.
Een meer up-tempo nummer is 'It's alright', een nummer dat we als band met plezier spelen.